ELFSTEDENTOCHT

Je kunt elk jaar de alternatieve elfstedentocht in het buitenland schaatsen maar het mist iets, het heeft niet 'dat' wat de elfstedentocht tot de tocht der tochten maakt. In 1985 schaatste ik hem voor het eerst. Deze tocht staat in mijn geheugen gegrift; het geweldige gevoel van de laatste kilometers is nauwelijks te beschrijven. Daarna heb ik hem nog gefietst en eigenlijk moet ik hem nu nog een keer wandelen, want dan krijg je uit handen van Henk Kroes een speciale oorkonde. 

Het is zaterdag 17 juni, de jaarlijkse familie- en wedstrijddag van de Friese Aero Club. Elk clublid kan vandaag familieleden meenemen voor een startje in de tweezitter of in de motorzwever. Alle eenzitters van de club gaan overland. Onze wedstrijdleider is Menno Sappé. De hoofdprijs voor vandaag is: Vermelding op de grote clubbeker en de eer om volgend jaar de wedstrijd te  organiseren. Menno (dus de winnaar van 1999) verschijnt met z'n Friese-vlag-petje, z'n Friese-vlag-T- shirt en alleen z'n Friese-vlag-klompen ontbreken. Om 9.30 uur volgen we de wedstrijdleider naar het instructeurshok voor de briefing. Ik verwacht een opdracht van een paar honderd kilometer richting Terlet omdat in die hoek van Nederland  de thermiek meestal beter is. Als alle deelnemers zitten, neemt de spanning toe. Wat wordt de opdracht? Het voorspelde goede vliegweer lijkt uit te komen, want de eerste cumuluswolken staan nu al aan de lucht. Menno deelt eerst een stencil uit met de actuele meteo-gegevens. Vervolgens gaat hij enigszins mysterieus verder:'Ik heb een heel bijzondere wedstrijdopdracht bedacht, die nog nooit eerder in Nederland is gevlogen. Er zitten wel veel keerpunten in maar als je al bij een boer buiten landt, hoeft de ophaalploeg niet ver te rijden. Je bent ruim voor de barbecue terug. Heeft iemand al een idee wat het wordt? Juist de elfstedentocht vliegen. In 1971 is geprobeerd om vanaf Leeuwarden deze opdracht te vliegen maar toen is het niet gelukt. Vanmorgen heb ik met de meteo van de vliegbasis gebeld en de meteoman verwacht dat zelfs boven het IJsselmeer cumuluswolken zullen staan. Het moet vandaag mogelijk zijn. Ik wens jullie veel succes en verwacht dat we vanavond iets te vieren hebben'.

Acht wedstrijdvliegers bereiden hun vlucht voor en monteren hun zweefvliegtuigen. Loggers en fototoestellen worden als bewijsmateriaal geplaatst en om 12 uur 25 wordt begonnen met het starten. Ben Hiemstra gaat als eerste omhoog in de DG300. Ik volg hem in de Pegase. Al vrij snel vind ik thermiek en het gaat met 1,5 m/s omhoog. Niet echt superthermiek maar voor Friese begrippen is dit niet onaardig. Ik heb de afgelopen weken al drie keer de kist gemonteerd voor een overlandtocht maar helaas de thermiek in Friesland liet het, door de invloed van de zee, afweten. Na een kwartiertje bereik ik de wolkenbasis. Die zit hier boven de stad op zo'n dikke duizend meter. De stad is altijd warmer dan de omgeving en daar zal de thermiek daar wel tot zo'n 950 m gaan. Voordat de wedstrijdlijn opengaat, probeer ik enige bellen uit. Ik probeer uit te zoeken aan welke kant van de bel het stijgen zit. Dit lukt niet zo snel. Meestal zit het stijgen aan de zon- dan wel windzijde. Daar eerst maar eens proberen. Over de radio hoor ik Menno oproepen dat de startlijn om 12.50 open gaat. Wat zal ik doen, wachten tot de thermiek nog hoger gaat of snel starten? Meestal is de thermiek tussen twee en  vijf uur het sterkst. Maar er wordt in de namiddag ook wind uit zee verwacht en dan kan het bij de steden aan de kust van Friesland wel eens moeilijk worden. Ik hoor op de radio dat de vliegtuigen op de grond nu richting west gaan starten. Dit betekent dat de wind nu al richting west draait en het dus zaak is om zo snel mogelijk te starten.

Om 12 uur 55 maak ik op zo'n 900m hoogte een foto van de toren van het vliegveld en begin richting Sneek te glijden. Melchert in z'n Cirrus zit voor me. Ook hij is 12 uur 55 gestart. De andere kisten volgen enige minuten later. Onderweg naar Sneek zie ik links en rechts de zweefvliegtuigen van de FAC. Het hele clubje zit nog bij elkaar. 

In Sneek moet de watertoren op de foto. Gelukkig heb ik als bewijs ook nog een logger in m'n GPS zitten, want hoe ik ook tuur, ik zie nergens die watertoren. Nou dan heel Sneek er maar op. De kans is groot dat ik hem pak en anders telt de uitdraai van de logger wel als bewijs.

De afstand van Sneek naar IJlst stelt bij het schaatsen weinig voor maar bij zweefvliegen is het een kwestie van een paar minuten. In IJlst moet het NS-station erop komen. Ik zie de spoorbaan en maak een foto. Ondertussen kijk ik richting Sloten. Hier zit behoorlijk wat water tussen de weilanden en water remt de thermiek. Daarom zit ik bij IJlst wat langer te draaien dan de andere zweefvliegtuigen om toch vooral maximale hoogte te pakken. De basis van de wolken zit hier op 950m. Wilfred, Ben en Bob zijn me ondertussen gepasseerd. 

Volgens mij is dit Sloten. Mijn GPS zegt dat ik nog door moet vliegen, maar ik hoor links en rechts de deelnemers klagen dat de opgegeven coördinaten (die Menno met een liniaaltje heeft berekend) lang niet kloppen. Vlak voor Sloten lag een groot meer en ik herinner me van het schaatsen dat Sloten hier vlak achter ligt. 

Dit is een hoek van Friesland waar ik nog nooit eerder gevlogen heb en dat is jammer want het is hier schitterend. Richting Stavoren zie je meer water dan land en er zit maar een kleine strook land tussen de meren en het grote IJsselmeer. Op weg naar Stavoren haal ik Wilfred, Bob en Ben weer in. Ik probeer hier zo hoog mogelijk te komen. In de verte zie ik wel Stavoren maar geen enkele wolk is daar te bekennen. Waar blijven die door de meteo-man voorspelde wolken nu. Ik kan wachten tot de thermiek toe neemt of een grote gok nemen met een hele lange steek. Ik besluit om het laatste te doen. Zo zuiver mogelijk vliegend - het draaitje precies recht en de MacCreadyring nauwkeurig volgend - glij ik richting Stavoren. Ik kom steeds lager en de lucht is hier volkomen stil, nergens stijgen. Nu hoop ik niet dat ik hier straks aan de grond sta en dat de drie achter mij Stavoren overslaan en verder gaan.

Na kilometers glijden - ik daal van 950 meter naar zo'n 450 meter - rond ik het keerpunt Stavoren over het water van het IJsselmeer. Stavoren ligt echt op een punt midden in het water. Het is een schitterend gezicht maar ik begin hem nu behoorlijk te knijpen. Waar vind ik hier weer thermiek. Eerst maar weer terug zover mogelijk uit deze punt van Friesland vandaan. Op zo'n 300 meter zit ik bij een dorpje. Aan de luwzijde heb ik een nulletje. Een halve kilometer verder draait Melchert. Hij heeft Stavoren dus ook gehaald. Hij draait wel maar gaat niet omhoog. Daarheen steken heeft geen zin. Na een aantal minuten draaien begint de variometer weer te zingen. Het dorpje produceert gelukkig een bel. Met 1 meter rond gaat het nu weer omhoog. Melchert komt bij me in de bel. Gelukkig, onze ophaalploegen hoeven niet te rijden. Samen met Melchert gaat het nu richting Hindelopen.

Hindelopen ligt ook enigszins op een punt in het water maar nu komt de wind over land en die stuwt hier, tenminste zo voelt het wel, tegen de lucht boven het meer op. Het gaat lekker omhoog en het stijgt bijna overal.

Van Hindelopen naar Workum gaat het vlot. Ik lig nu een klein stukje voor op Melchert en de rest van de deelnemers zit achter ons. Ben, Wilfred en Bob hebben waarschijnlijk gewacht voor Stavoren om te zien of Stavoren wel te ronden was. Nu wij dat bewezen hebben moeten ze wel. Ondertussen heeft het wachten hen wel op een kleine achterstand gezet. 

Bij Bolsward verspeel ik de eerste plaats. Ik kies hier de verkeerde bellen. Melchert doet het hier beter en is veel vlotter in Harlingen. Ik zit hier hier echt te knoeien en zo modder ik door tot Harlingen op een hoogte van zo'n 650 meter, terwijl Melchert hoog aan de basis op 900 meter doorstoomt. 

Tussen Harlingen en Franeker haalt Bob mij in. Nu glijdt zijn kist veel beter dus ik hoef me niet in te spannen om hem bij te houden, maar dat ik Melchert ben kwijtgeraakt dat zit me al dwars. Ik schat dat onze vliegtuigen wat handicap betreft dicht bij elkaar liggen. Ik had domweg bij hem in de bel moeten kruipen, daar bij Bolsward. Enfin, misschien valt er onderweg nog iets goed te maken. 

Vanaf Franeker gaat het weer lekker. Eindelijk weer bij de wolkenbasis van zo'n 950 meter. Via een boog om Leeuwarden heen ga ik richting Dokkum. Hier staat een mooie rij cumuluswolken. Het gaat lekker en ik hoor dat Melchert en Bob nu bijna bij Dokkum zitten. Op de radio hoor ik dat Dennis weer terug gaat naar Hindelopen omdat hij deze stad vergeten was op de foto te zetten. Dit is Dennis z'n derde overland en als hij al zo ver is dan is dat knap. Verder hoor ik dat Rene in de Astir geland is. Hij had volgens mij in de Astir geen kans om Stavoren te ronden. Daarvoor glijdt een Astir net iets te slecht. Ook Pieter in de LS4 leert nu wat buitenlanden is. 

Wanneer ik bijna bij Dokkum ben, glijden Melchert en Bob naar Leeuwarden. Die haal ik dus niet meer in. Maar wat wel zeker is, dat ik het ga halen en dat geeft een lekker gevoel. De elfstedentocht ooit nog eens vliegen dat stond altijd al op mijn verlanglijstje. Na fietsen en schaatsen wordt dit de derde manier waarop ik de elf steden doe. En in wat voor een tijd. Meer dan twee keer zo snel als de beste schaatser tot nu toe gedaan heeft. Zou wel ooit iemand op een snellere manier de elf steden gedaan hebben? Terwijl ik bij Dokkum zo'n 650 meter hoogte win, zie ik Wilfred boven de watertoren draaien. Hij heeft een betere bel. Ik kan bij hem in de bel kruipen of met deze hoogte naar Leeuwarden glijden. Volgens de finalglidecomputer zit ik net binnen glijbereik. Ik kies voor het laatste. 

Vlak voor Leeuwarden haalt Wilfred mij in. Dit had ik al verwacht, want hij heeft meer hoogte gewonnen en kan dus sneller vliegen.  Bovendien zit hij in de ASW20 met opsteektips. Dan glij je sowieso een stuk beter. Na 2 uur en 38 minuten land ik op Leeuwarden. Melchert is winnaar met een tijd van tweeëneenhalf uur. Bij de barbecue is er een groot applaus voor de winnaar en een even groot applaus voor de bedenker van de wedstrijdopdracht. Vervolgens wordt de hele tocht nog even doorgenomen en nog even doorgenomen en nog even......  Totdat....... 's avonds zelfs de zon stralender dan anders kopje onder gaat

Aan de Friese kust liggen zware zeedijken. Zij zorgen ervoor dat Friesland droog blijft en de zon ook hier het wonder, dat we thermiek noemen, kan verrichten. Hier en daar  op de Friese zeedijk staat een eenzame maar voldane zweefvlieger. Hij kijkt naar de laatste stralen die vanachter de horizon nog te zien zijn. Als niemand ziet gaat zijn duim omhoog en mompelt hij: 'Bedankt, het was weer schitterend'.  

Dirk Corporaal 26-6-00

We use cookies

Wij gebruiken cookies op onze web site. Sommigen zijn essentieel voor het correct functioneren van de site, terwijl anderen ons helpen om de site en gebruikerservaring te verbeteren (tracking cookies). U kan zelf kiezen of u deze cookies wil toestaan of niet. Let op dat als u onze cookies weigert mogelijk niet alle functies van de site beschikbaar zijn.